De Boeken 

"De Leerling", "De Gezel" en "De Meester" 

zijn verkrijgbaar in luxe uitvoering met 
praktische metalen rugbinding geen goedkoop ringbandje maar het geavanceerde 'Wire-O' systeem.

(zie verder bij afb.2)

 


De 3 boeken verschijnen onder de titel:

 'Geestelijke waarden der Vrijmetselarij'


en zijn een bewerking van de boeken  

'De Leerling' - 'De Gezel' - 'De Meester'

van de Zeer Achtbare Broeder J.E. Jasper.

------------------------------------------------------------------------------

In Boek I zijn 17 hoofdstukken:

               Hoofdstuk 01   Symbolen en Ritualen
                                                              
               Hoofdstuk 02   De Opperbouwmeester des Heelals
                                                              
               Hoofdstuk 03   Schutspatronen

               Hoofdstuk 04   Voorbereiding en Overpeinzing
                                                              
               Hoofdstuk 05   De Donkere Kamer

               Hoofdstuk 06   De Maçonnieke Tempel
                                                              
               Hoofdstuk 07   De Twee Kolommen
                                                              
               Hoofdstuk 08   Ken U Zelf
                                                              
               Hoofdstuk 09   De Leerling
                                                              
               Hoofdstuk 10   Het Tableau
                                                              
               Hoofdstuk 11   De Lichten
                                                              
               Hoofdstuk 12   Het Alziend Oog
                                                              
               Hoofdstuk 13   De Gebroken Kolom
                                                              
               Hoofdstuk 14   De Broederketen
                                                              
               Hoofdstuk 15   De Dekker
                                                              
               Hoofdstuk 16   Schootsvel en Handschoenen
                                                              
               Hoofdstuk 17   Slag en Applaus
                                                                                                 
                                                             ÷
 
                      Boek I   "De Leerling" telt 232 pagina's.

                      Boek II  "De Gezel" telt 160 pagina'

                      Boek III "De Meester" telt 188 pagina's


Er zijn loges die Boek I "De Leerling" geven bij de inwijding van een profaan, het is nu ook mogelijk Boek II "De Gezel" te schenken bij het geven van 'Hoger Loon' en bij de 'Meesterverheffing'  Boek III "De Meester", een mooi aandenken, zeker als de dan aanwezige broeders hun naam achter in het boek schrijven, hiervoor zijn 3 blanco pagina's opgenomen.

                                                    ÷

De boeken zijn uitgevoerd in het royale A4 formaat met een mooi sterk nieuw bindsysteem "Wire-O", (afbeelding onder) zodat u de pagina's van het boek helemaal open, en plat kunt neerleggen voor een groot leesgemak.

 

                                                        afb. 2

De boeken zijn gedrukt op zwaar 90 grams duurzaam verbouwd

Biotoop-papier wat de boeken een luxe uitstraling geeft.

Het lettertype van de hoofdtekst is, Verdana punt 10, 
de garantie voor makkelijk lezen.

De prijs per boek is € 19,50

Een set van de drie boeken is 55,-

Inclusief verzendkosten.


Ga naar "Hoe te bestellen" linksboven op deze pagina.


 

De boeken worden door mij in eigen beheer uitgegeven

 en zijn dus niet in de boekwinkel te koop.

 



Ik wens u bijzonder veel leesplezier.


Broeder Marinus Kloet

 
 
 

Klik ook even op de links van "De Gezel" en "De Meester" links boven op deze pagina dan krijgt u een goed beeld van de inhoud van de boeken.



------------------------------------------------------------------------------------------
Hieronder staan van 4 hoofdstukken de éérste pagina's van 

Boek I "De Leerling"
------------------------------------------------------------------------------------------

 

HOOFDSTUK 1

Symbolen en Ritualen 

Symbool is afgeleid van het Griekse woord Symbollein en het Latijnse woord Symbolum.

Het betekent: het bij elkaar passen van delen tot één geheel, als herkenning dat het geheel heeft bestaan en voor een bepaald doel in stukken werd verdeeld, die op een bepaalde tijd weer bij elkaar behoren te worden gebracht. 

Door symbolen werden we bekend met vroegere handelingen, en werden de personen geïdentificeerd, die daarbij betrokken waren. Het symbool was dus een aanduiding van iets, dat voor de massa verborgen en alleen aan enkele personen, bekend was. Toen al had het een geestelijke, versluierde waarde.

Het symbool was bij de oudste volken niet alleen een voorwerp, maar werd weergegeven in tekens, die door opzet en samenstelling van lijnen, ondoorgrondelijke, kosmische krachten weergaven. 

Uit deze oeroude, heilige symboliek is het hiëroglyfenschrift ontstaan, dat bij de oude Egyptenaren in gebruik was en uit door lijnen weergegeven zinnebeelden bestond, tekeningen van zichtbare vormen en uitingen van gedachten over onzichtbare dingen. 

Een kenmerkend voorbeeld van een fragment van deze tekenwijze bij de lettervorming, wordt geleverd door het oude Hebreeuwse alfabet.

Van dit alfabet wordt de eerste letter Aleph verklaard als de figuur van een staande mens, met één hand naar de hemel, en met de andere hand naar de aarde wijzend. Dit geeft naar mystieke opvatting de gelijkheid en de eenheid van het zijn in de hemel en op aarde weer: zo boven, zo beneden het filosofisch religieuze beginsel van Hermes Trismegistus.

----------------------------------------------------------------------------------------------------

HOOFDSTUK 5

De Donkere Kamer

De donkere kamer, waarin de kandidaat wordt gebracht, om er enige tijd in overpeinzing door te brengen, stelt gewoonlijk een grot, een spelonk voor. Een oud zinnebeeld van het moederhart waar in de duisternis het nieuwe leven ontstaat, dat zich tot het licht verheft. 

In de duistere aarde ontstaat uit de onzienlijke kiemkracht van het vruchtzaad de jonge plant die met een ondoorgrondelijke begeerte het licht zoekt. In de donkerheid van de moederschoot voltrekt zich het wonderbaarlijke groeiproces dat door de geboorte beëindigd wordt.
 

De zonnegod Mithra van de Perzische godsdienst werd bij winterzonnestilstand, omstreeks 25 december, uit een steen van een donkere spelonk geboren. Volgens de legende werd Zeus geboren in een grot op de berg Ida van het eiland Kreta. Er zijn geleerden die zeggen, dat de stal, waarin Jezus te Bethlehem geboren werd, het vervangende beeld van een naakte grot is. De duistere grot of spelonk, is dus de verzinnebeelding van de plaats, waar de eerste wekking tot het nieuwe leven, plaats heeft.

In de volmaakte stilte en duisternis van de aarde wordt de kern van de graankorrel door het goddelijke beginsel tot nieuwe levenskracht bereid. Zo brengt zij de tere spruit voort, die in het licht het leven zoekt en vindt.

Begrijpelijk is dus wel het gebruik, dat vroeger in sommige loges bestond, om de kandidaat geblinddoekt de donkere kamer te laten betreden en hem dan, nadat hier de blinddoek was afgenomen, te laten uitroepen: 'Moeder!.'

Afgewend van de stof, daalt de kandidaat in de donkere kamer af, waar hij in zijn ontvankelijkheid, bereid wordt voor het aanschouwen van het geestelijke licht. De in hem smeulende vonk, deel van het licht dat 'een ieder mensch verlicht, komende ter wereld.' De schepping in het heelal kwam voort uit de opheffing van de polariteit van de grote heelalkrachten: Ordening en Chaos.

Op die wijze ontstaat in de donkere kamer de langzame opheffing van de tegenstellingen. De duisternis en de stilte en de zuiverende sfeer van een geestelijke vruchtzetting brengen in de kandidaat de gevoelens teweeg van een schijnsel in de duisternis. De eerste primaire ordening in de chaos.

Ook Elia, die vier maal tien dagen en nachten had gereisd, om aan de moordlust van koning Achab en diens vrouw Izébel te ontkomen, vernam in een spelonk bij de berg Horeb in een suizende stilte de 'stem des heeren', die hem aangaf, wat hij te doen had. In de donkere kamer is de mens of microkosmos gelijk aan het heelal of de macrokosmos, waarin van het begin van de schepping af het licht dagelijks strijdt tegen de duisternis.

Zoals ook in de macrokosmos de vage schemer bij het opkomen van de zon in lichtkracht toeneemt tot de heldere dageraad die in zijn lichtjubel en - glorie uiteindelijk alle sporen van de duisternis verdrijft.

----------------------------------------------------------------------------------------------------

HOOFDSTUK 13

De Gebroken Kolom

Bekend is de maçonnieke uitdrukking 'de Gebroken Kolom omvatten' voor het opleveren van een bouwstuk door een van de Broeders. Wanneer maçons willen bouwen door of met het woord, dan is dit het zinnebeeldige werk aan de Tempel van de volmaking, die op aarde nimmer gereed kan komen, omdat hij telkens weer verwoest wordt.

Zo gaat ook het Woord, de mogelijkheid van eeuwige, heilige ziele vrede verloren, waarnaar de mensheid steeds blijft zoeken. De op aarde vervaardigde Tempel van de volmaking heeft zijn onbestendigheid, zijn vergankelijkheid, zoals alle dingen vergankelijk zijn, die door stervelingen gemaakt zijn. 

Als hij de praal en de luister van een volmaakt lijkend werk heeft gekregen, een wonder van schoonheid is geworden, moeizaam opgericht ter ere van de Opperbouwmeester van het Heelal, wordt hij verwoest.


Te midden van de puinhopen blijft alleen nog een Gebroken Kolom staan, onderstuk van de pilaar, dat in het Heiligste der Heiligen de relikwie heeft geschraagd: 'de witte keursteen, waarop de nieuwe naam was geschreven, die niemand kent, dan die hem ontvangt' (Openbaring van Johannes 2:17).

Volgens een oude legende zou Salomo in een onderaards gewelf van de door hem gebouwde Tempel - onder de Ark des Verbond - de mysterieuze onuitsprekelijke Naam van het Opperwezen hebben bewaard op het bovenvlak van een zuiver kubieke steen, de kroon vormende van de Korte Kolom of Zuil der Schoonheid. In de stilte en duisternis van het gewelf ontspon zich rondom die heilige Naam de sfeer van het waarachtige Wezen, dat vereerd werd en de schragende geloofskracht vormde in het leven.

De Tempel van Jeruzalem werd door de horden van Nebukadnezar verwoest. Bij deze verwoesting ging de kubus met de gouden naamplaat verloren. De Kolom van de Schoonheid onderging de kracht van het geweld, en onder de vele Tempelruïnes bleef de Kolom over in haar gebrokenheid, eraan herinnerend, dat zij eenmaal het Allerhoogste had gedragen.

Zo werd zij het symbolische teken van de vergankelijkheid, de sterfelijkheid van schoonheid op aarde, maar tevens spoorde zij aan tot het opnieuw zoeken naar het Verloren Woord, de Verloren Eeuwigheid, de ten onder gegane Schoonheid.

In de nieuwe Tempel is zij geplaatst op de lengteaslijn van het rechthoekige grondvlak, precies tegenover het Oosten, zodat hij die haar 'omvat', de blik, de gedachte, het innerlijk gericht houdt op het Licht de ongeopenbaarde Schoonheid uit het Oosten.

--------------------------------------------------------------------------------------------------

HOOFDSTUK 17

De Drieslag en Maçonniek applaus

Het maçonnieke applaus van drie maal drie slagen kan gezien worden als het meeleven en deelnemen aan een plechtig aangrijpend moment of gebeuren. Het komt in zijn diepste betekenis overeen met de drie mokerslagen, die de Voorzittend Meester en de beide Opzieners in de Tempel laten horen aan het einde van het opening en sluitingsrituaal. Het aantal van drie maal drie* is de symbolische weergave van de drievoudige volmaaktheid.

Of, wanneer het een handeling betreft de drievoudig volledige instemming, die volgens de 'Internationale Freimaurerlexicon' berust op het Kabbalistische beginsel:

'Temario formatur, nonario dissolvitur' 

'Door drie wordt gevormd, door negen voleindigd'

In sommige loges bestaat het gebruik dat de Voorzittend Meester aan het eind van de  inwijding van een kandidaat tot leerling-vrijmetselaar, na de aankondiging in de beide kolommen betreffende de erkenning van de nieuw ingewijde als broeder, de uitnodiging doet om hem in de broederkring te verwelkomen met het maçonnieke teken en het maçonnieke applaus. Dit applaus van drie maal drie slagen is het broederlijke accent op de verwelkoming.

Met het 'dof applaus', gegeven bij de plechtige nagedachtenis aan een broeder die het Eeuwige Oosten is ingegaan, laat men een omfloerst zacht kloppend geluid horen. Hiermee de rouw aangevend en de treurnis in de gedachte aan hem, die zijn maçonnieke werktuigen heeft neergelegd en naar de wil van de Opperbouwmeester des Heelals tot hogere arbeid werd geroepen. Het applaus, helder of dof, wordt altijd gegeven als de broeders staan, nooit zittend. Het vormt een tot het gevoelsleven van de bijeen gekomenen, rituele vertolking van het plechtige moment.

Een even diepe betekenis heeft het applaus, volgend op de harde mokerslagen, die naar de aloude gebruiken van de vrijmetselaren gegeven worden bij de opening en de sluiting van de Loge. Er is vastgesteld, dat de loge behoorlijk is gedekt, dat het 'templum' is gevormd, de stof is buitengesloten, de geest de Loge vervult.

* Deze drie slagen voor de eerste graad in de Nederlandse loge hebben een ander ritme dan 'the three distinct knocks' van de eerste graad in de Engelse Vrijmetselarij. Het verschil is aldus: **-* Nederlands en  *-*-* Engels.

----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Lees ook: De Gezel en De Meester



 

 

  Site Map